Het rijk van de mammon
Na een vermoeiende vlucht van zestien uren van Berlijn naar Jakarta (ik vertrok op een spoelvrije zaterdag en kwam zondagavond in de hoofdstad van de ‘gordel van smaragd’ aan) begon ik ‘s maandags met spoelen. Het luxueuze en bijzonder dure ziekenhuis Medistra ligt aan de prachtige Boulevard Gatot Subroto. Er zijn skylines zoals in Manhattan en Frankfurt am Main, opvallend veel banken en ambassades met weelderige, prachtige tuinen. De duurste auto’s als Mercedes en BMW staan op de erven: het rijk van de Mammon. Dat kon iedere leek zien. Ik had dit ziekenhuis op aanbeveling van een goede, schatrijke vriend uitgekozen. Hij en vele VIP’s uit Jakarta, zoals diplomaten en experts, worden hier meestal behandeld.
In dit ziekenhuis was een kleine maar exclusieve dialyseafdeling met zes spiksplinternieuwe Baxter-machines, zeker een dozijn verpleegkundigen en drie nefrologen, waaronder een professor, dus geen gebrek aan specialisten en medewerkers, zoals in Nederland. De klanten van het ziekenhuis zijn per slot van rekening de rijken en prominenten van Jakarta. Tot mijn verbazing hoorde ik dat alle patiënten twee keer per week behandeld werden, later bleek dit in heel Indonesië vanwege de hoge kosten het geval te zijn. Ik was als patiënt uit Europa een uitzondering. |
 |
|
|
Ik kreeg drie dialyses per week, zoals ik dat in Duitsland gewend was. Mijn Duitse verzekering zou de kosten terugbetalen. Zelf moest ik na elke dialysebehandeling meer dan een miljoen rupiah betalen, want niet alleen de dialyse maar elk onderzoek (bijvoorbeeld bloedonderzoek), de EPO, enzovoort) moesten betaald worden.
Klantvriendelijk
De dialyse was buitengewoon klantvriendelijk, voor een Europeaan bijna onvoorstelbaar. De patiënt hoeft zelf helemaal niets te doen, de vriendelijke en lieve zusters nemen je elk werk uit handen. In Nederland wordt verwacht dat de patiënt zelf actief meewerkt, het spoelprotocol invult, na de dialyse de prikgaten afdrukt, enzovoort. In Indonesië doet het talrijke personeel alles, met een vriendelijke glimlach en beleefde excuses voordat de naalden de shunt indringen. ‘Maaf, sakit sedikit pak” zeggen ze dan. ‘Excuseert u mij alstublieft, het doet een beetje zeer.’ Om de pijn te verminderen kan de patiënt zelfs een lokale verdoving krijgen.
Snacks en dranken worden volop verstrekt. Toen ik mijn beker zelf leeg wilde drinken, kwam er een zuster aangesneld die de beker afpakte en mij hielp bij het drinken, wat volgens mij niet nodig was. De verpleegkundigen bedienen ook de televisietoestellen. Ze vragen aan de patiënt welk programma hij wil zien, dus de patiënt hoeft niet eens zelf de afstandsbediening te gebruiken. Tijdens de dialyse zat de kamer vol familieleden van de patiënten, inclusief kinderen van alle leeftijden, zodat er veel gekletst en gelachen werd. De bezoekers babbelden ook met elkaar. De zusters zijn erg nieuwsgierig, nemen een stoeltje en beginnen heel naïef nieuwe patiënten zoals ik gewoon uit te vragen. Privacy is een onbekend begrip, want ze vragen gewoon hoeveel ik per maand verdien, of ik getrouwd ben, hoeveel kinderen ik heb, wat ik in Indonesië deed, enzovoort. Maar aangezien ik deze gewoonte kende, de eerste achttien jaar van mijn leven woonde ik immers in mijn geboorteland Indonesië, werd ik niet kwaad en voelde ik me niet gekwetst. Ik beantwoordde de vragen zo goed mogelijk.
Paradijs
De verpleegkundigen konden niet geloven dat in Europa de dialyse voor de patiënt zelf geen extra kosten met zich mee brengt en de patiënten zelfs met zorgvervoer thuis worden opgehaald en na de dialyse weer naar huis gebracht. Voor hen schijnt Europa een paradijs te zijn. Enkele verpleegkundigen vroegen mij dan ook zonder te blozen of ik Europese vrienden had die met hen wilden trouwen, want dan konden zij dit paradijs ook binnenkomen. Ik waarschuwde deze naïeve meisjes dat het klimaat, het eten en de taal in Europa niet bepaald geschikt zijn voor deze kleine tropische mensen. De mentaliteit en de gewoontes van de Europeaan zijn ook niet voor elke Indonesiër aantrekkelijk.
Hergebruik
Na enige dialyses in Jakarta vertrok ik naar de stad Bandung (circa 180 kilometer van Jakarta verwijderd), want in deze twee miljoen tellende hoofdstad van West-Java wonen ook veel ooms, tantes, neven en nichten, die ik wilde opzoeken. Bandung is een prettige stad, het ligt midden in de koele bergen, het is er niet zo ontzettend heet als in Jakarta. In Bandung zijn vijf dialysecentra. Eerst ging ik naar het grootste centrum, het Nyonya Habibi Dialysecentrum, genoemd naar de moeder van de toenmalige interim-president (1998/1999) Jusuf Habibi, de opvolger van de corrupte dictator Suharto. Met rond 44 machines van het type Gambro, gebruikte machines door Nederland aan haar vroegere kolonie geschonken, is dit centrum het grootste in de provincie West-Java. Dit ziekenhuis is niet alleen veel goedkoper dan in Jakarta maar probeert ook een paar arme mensen kosteloos of tegen een symbolische prijs van drie of vier gulden te behandelen. Dat zijn meestal minder dan 5 van de 158 patiënten die in verschillende groepen behandeld worden. Ik vind het een groot nadeel dat in dit centrum het re-usesysteem is ingevoerd om geld uit te sparen: alle slangen enzovoort worden niet weggegooid maar gewassen en opnieuw gebruikt. |
|